Welkom
Voor wie is 2voud
Activiteiten Leiden
Kalender Leiden
Reserveren
Inschrijven Leiden
Activiteitenverslagen
Samenwerking bedrijven
Contact
crimi-tour 26-08-2007
Cafe `t AepjenOp een mooie zonnige zondag verzamelden we om 14.00u tegenover Amsterdam C.S. voor de crimi-tour.
We kregen een rondleiding van Kees, een oud-agent van het bureau Warmoesstraat, en een oud-collega van Appie Baantjer.
Hij werd vergezeld door Isabelle, een jonge reisleidster die ook rondleidingen gaf in Amsterdam.
We waren met een leuk groepje van ongeveer 14 vrouwen en mannen.

Onze gids Kees kon interessant vertellen over de geschiedenis van Amsterdam,
de prostitutie en de misdaad, en had heel smeuïge anekdotes over zijn belevenissen als politieagent op de wallen.
De tocht bleek helemaal door de Wallen te gaan en begon op de Zeedijk.

Vroeger was dit de oever van het IJ. Ook toen was er al volop prostitutie en wachtten de hoertjes de schepen
op met lantaarns. Toen zij die lantaarns niet meer mochten gebruiken, dekten zij die af met rode lappen
en zo is de naam ‘Red Light District’ ontstaan.

Tot begin jaren ’80 was de Zeedijk een no-go area, die werd beheerst door dealers, pooiers en andere misdadigers.
Zeer gevaarlijk voor gewone mensen en ook voor een agent alleen.
Daarna heeft de gemeente er flink in geïnvesteerd om de straat op te knappen en nu kan iedereen er weer veilig doorheen.
Even achter de Zeedijk lag de Pillenbrug, vroeger ook een gebied waar veel gedeald werd.
Tegenover deze brug was een vestiging van het Leger des Heils.
Onze gids wees het kamertje aan waar Majoor Bosshardt altijd uitkeek op de activiteiten op de brug.
Tegenwoordig staan in dit gebied volop opvallende camera’s die alles registreren en die criminelen afschrikken.

De tocht ging verder door verschillende smalle steegjes met raamprostitutées.
Het viel op dat er aparte steegjes waren voor Latino’s, voor Oosteuropese dames en voor andere groepen.
Nederlandse vrouwen zijn vrijwel verdwenen achter de ramen.
Toen onze gids na een steegje vroeg of ons iets was opgevallen, bleek dat niemand echt goed naar binnen durfde te gluren;
het was namelijk niemand opgevallen dat er in dat steegje geen dames achter de ramen zaten maar travestieten!
De gids wist verder nog te vertellen dat een gemiddeld bezoek aan een raamprostituee 4 minuten duurt en dat het minimumtarief 50 euro is.
Een drukke dag kan zo toch aardig wat opleveren.

We brachten ook nog een bezoek aan het proeflokaal van Wijnand Fokkink in de Pijlsteeg.
Vroeger was dit een grote stokerij en de concurrent van Lucas Bols.
Na de oorlog heeft Wijnand Fockink de concurrentieslag verloren, onder andere omdat hij niet aan de Duitsers leverde.
Het bedrijf ging failliet en werd later overgenomen door een distilleerderij die de recepten kocht van de oude stokerij.
We kregen hier een drankje en konden kiezen uit vele aparte jenevers en likeuren.
De cola-light bleek echter populairder te zijn.

Toen we onze tocht vervolgden, vertelde de gids interessante verhalen over de “Koningen van de Wallen”,
oa Haring Arie en “Zwarte” Joop de Vries.
Deze laatste opende de seksclub Casa Rosso, waar voor het eerst live seks op het podium te zien was.
Toen deze club afbrandde kwamen veel mensen om het leven.
Zwarte Joop heropende de club een eindje verderop en op de plaats van de oude club liet hij een monument plaatsen met een bijbeltekst.

Teruggekomen op de Zeedijk liepen we langs het eerste gay-café van Nederland.
Dat was café Het Mandje, al voor de oorlog opgericht door Bet van Beeren.
Zij was een stoere vrouw die regelmatig in een leren pak op haar motorfiets door het land toerde op zoek naar een nieuwe vriendin.
Onze gids moest zijn verhaal over het café een eindje verderop houden. Voor de ingang stonden namelijk mannen met condoleanceregisters.
Greet van Beeren, de zus van Bet die het café na de dood van Bet runde, is onlangs overleden en zij lag deze zondag opgebaard in het café.

Bij het begin van de Zeedijk zat de rondleiding erop en ging de gids er vandoor.
Wij besloten met de groep nog wat te drinken in café In ’t Aepjen.
Dit gebouw uit de 15e eeuw was een van de oudste originele houten gebouwen in de stad.
Toen we vroegen waarom het café zo heette kregen we een mooie uitleg van de kastelein.
Toen vroeger de grote schepen aanmeerden aan de Zeedijk trokken de matrozen massaal de stad in om hun geld uit te geven
aan drank en vrouwen. Zij mochten echter niet dronken terugkomen op het schip,
zodat zij voor een nacht een slaapplaats moesten zoeken.
Zij konden dan overnachten in ’t Aepjen dat toen een herberg was. Omdat veel zeelieden niet genoeg geld hadden
voor een overnachting vroeg de herbergier vaak een aapje als onderpand. Veel zeelieden namen die dieren mee van hun verre reizen.
Het café kon zich zo goed onderscheiden van de andere cafés en trok zo meer klanten.
Hierdoor ontstond ook een bekende uitdrukking: de matrozen die hier moesten overnachten omdat ze te dronken waren, waren ‘IN DE AAP GELOGEERD’. (zie foto)

Toen we ons drankje op hadden gingen de meesten weer met de trein naar huis en zo eindigde een heel gezellig en interessant uitje van 2voud.

Groet,
Kees